De harde feiten achter je emoties

Waarom een goed verhaal je kan laten sidderen of smelten

We voelen het meteen aan als we te maken hebben met een goed verhaal. Sinds kort wordt die ervaring ook wetenschappelijk onderbouwd, want wat blijkt: verhalen worden verteld in het lichaam. Altijd werd aangenomen dat verhalen in ons bewustzijn ontspringen, in onze dromen of fantasieën ontstaan en van daaruit via woorden en beelden van de ene naar de andere persoon overgebracht werden. We zien verhalen buiten onszelf, op papier en op het scherm, maar nooit onder de huid. Maar we voelen verhalen wel degelijk. Een verhaal ervaren verandert onze neurochemische processen. Verhalen hebben de kracht om menselijk gedrag te veranderen. Op die manier zijn verhalen niet slechts instrumenten van verbinding of entertainment, maar ook van controle.

Het gebeurt in de hersens

We hebben de wetenschap van storytelling niet nodig om een verhaal te vertellen. Maar we hebben de wetenschap wel nodig als we de wortels willen begrijpen van ons storytelling instinct en hoe verhalen overtuigingen en gedrag vormen op een dieper niveau dan ons bewustzijn. De wetenschap kan ons helpen om ons te beschermen in een wereld waarin mensen constant proberen op onze emotieknoppen te drukken met hun verhalen. Hoe beter we begrijpen hoe verhalen zich in ons lichaam ontvouwen, des te beter zijn we toegerust voor de verhalenrijke context van de 21e eeuw.

Opgelet!

Stel dat je aandacht een soort schijnwerper is. Als iemand je een verhaal vertelt, probeert die jouw schijnwerper te controleren en je te manipuleren. We doen dat allemaal elke dag. Je probeert de aandacht vast te houden als je een verhaal vertelt aan je collega’s tijdens de koffie. Er zijn veel verschillende manieren om de schijnwerpers van aandacht te beïnvloeden en allemaal zijn ze instinctief of bewust gericht op menselijke drijfveren. Het 6-woord verhaal van Ernest Hemingway is daar een goed voorbeeld van: For Sale: Baby shoes, never worn. Wat voel je als je dit leest? Grote kans dat je meteen geraakt wordt, alsof iemand je een klap in je maag geeft. Het verhaal werkt omdat het onze natuurlijke neiging tot een negatieve interpretatie triggert, onze hardnekkige menselijke neiging om te focussen op slechte, bedreigende en gevaarlijke dingen in het leven. Het activeert het gevoel van angst en wanhoop dat we voelen als ons kind sterft, zelfs als we geen kinderen hebben.

Prikkels uitdelen

We zijn heel goed om de schijnwerper van onze aandacht te richten op datgene wat ons of degenen die ons dierbaar zijn pijn kan doen, vooral onze kinderen. Wat gebeurt er als we de schijnwerper richten op een gevaar? Dan ervaren we stress, een natuurlijke overlevingsimpuls, die ons helpt om aanvallen te overleven. In andere woorden, stress mobiliseert onze hulpbronnen om onmiddellijke fysieke bedreigingen te overleven. Adrenaline pompt en ons lichaam produceert cortisol, waardoor onze aandacht verscherpt en onze kracht en snelheid een impuls krijgen. In tegenstelling tot andere zoogdieren hebben hebben mensen de gave en de vloek om ontvankelijk te zijn voor stress zelfs als we geen directe fysieke bedreiging ervaren. Dat doen we door onszelf en anderen verhalen te vertellen. Ze zijn de beste manier om ons te wijzen op potentieel gevaar en ons te helpen om deze gevaren te overwinnen.

We dragen fictie op de werkelijkheid over

Hoewel we in het echt geen leeuwen tegen zullen komen, transformeren we leeuwen in verhalen in krachtige symbolen van een heroïsche overwinning. Dat is de essentie van verhalen: gevaren tegemoet gaan en trotseren, die in onze geest doorwerken, vermenigvuldigen en muteren en soms metaforen worden voor wat ons in het hier en nu bedreigt. Sprookjes zijn wat dat betreft eigenlijk waarheidsgetrouw. Niet omdat draken bestaan, maar omdat draken kunnen worden verslagen. We worden als vanzelf aangetrokken tot spannende verhalen, omdat we het betrekken op onszelf en ons voorstellen wat het zou betekenen als we zelf in een dergelijke situatie zouden belanden. We stellen ons voor hoe we met al die draken zouden omgaan in ons leven, of dat nu kleine worstelingen zijn, grote uitdagingen of levensbedreigende gevaren. Maar we hebben geen draken nodig om de aandacht te vangen van het publiek. In de allereerste Harry Potter film zien we een baby, alleen op de wereld, te midden van allerlei kwade machten. We kiezen instinctief voor ‘de jongen die bleef leven’, omdat hij zo kwetsbaar is. In de Star Wars films wordt onze aandacht gevangen door een gevoel van ontzag voor het onmetelijke en ongrijpbare. Het prikkelt ons omdat het vragen oproept en nieuwsgierig maakt naar antwoorden.

Hoe verhalen zich in ons lichaam manifesteren

Om onze aandacht te vangen in een verhaal, zal er bijna altijd een negatieve kracht opdoemen waardoor een conflict ontstaat. Juist terwijl we dachten rustig te kunnen deinen op de kabbelende golfjes van zorgeloosheid, zien we een enorme staartvin met grote snelheid dichterbij komen. Op dat moment wordt onze aandacht direct verscherpt, worden spieren samengetrokken en maakt ons lichaam cortisol aan. Gebeurt dat niet, dan is het verhaal jou kwijt. Het is overigens niet alleen de cortisol die je in het verhaal meezuigt. Naast de aspecten van conflict en verwondering, is het vooral de groeiende sympathie die je ontwikkelt voor de personages in het verhaal. Zij appelleren aan je natuurlijke verlangen naar verbinding, kameraadschap en liefde. Als we fictieve karakters zien die een relatie met elkaar aangaan, reageert ons lichaam met de aanmaak van een neuropeptide genaamd oxytocine, een hormoon dat voor het eerst werd aangetroffen in zogende moeders. Oxytocine bleek zich telkens te manifesteren in studies van koppels en hechte groepen. Het blijkt dat oxytocine altijd een rol speelt wanneer mensen intimiteit ervaren of zich dat voorstellen.

We vereenzelvigen ons met personages

Als we betrokken raken in een verhaal en haar karakters gebeurt er nog iets wonderlijks. De brein activiteit van zowel de verteller als de luisteraar story wordt op elkaar afgestemd door zogenoemde spiegelneuronen. Die worden geactiveerd als we iemand observeren die dezelfde handeling verricht als wijzelf. Hoe dieper we in het verhaal raken, des te meer fictie realiteit lijkt te worden in ons lichaam. Dat is de reden dat je bij de beschrijving van een heerlijke maaltijd, speeksel aanmaakt en het water vaak letterlijk uit je mond loopt. Als we verdriet ervaren in de karakters die we hebben omarmd in het verhaal, zorgt onze prefrontale cortex ervoor dat we zelf ook verdriet ervaren. Terwijl het plot zich verder ontwikkelt zien we onze favoriete karakters in conflict komen met kwade krachten. Onze handpalmen worden klam, we grijpen de hand van de persoon die naast ons zit en weten dat die waarschijnlijk dezelfde reactie ervaart. We voelen waarschijnlijk zelfs een spanning in de nek, alsof we spieren aanspannen om te vluchten voor een denkbeeldig gevaar. Het wonder van verhalen is als een chemische reactie. Als de cortisol die onze aandacht versterkt, wordt gemend met de oxytocine van zorgzaamheid en genegenheid, ervaren we een fenomeen dat transportatie wordt genoemd.  Bezorgdheid en aandacht vloeien samen in empathie. En dan ben je verkocht. Zolang als het verhaal duurt zijn de lotsbestemming van de personages en die van jezelf met elkaar verbonden. Heeft het verhaal een happy end, dan wordt het limbische systeem geactiveerd, het beloningscentrum in het brein en wordt dopamine aangemaakt. We voelen optimisme, hoop en vertrouwen, dezelfde gevoelens die de personages op het scherm ervaren. Goede verhalen zijn daarom reflecties van het leven zelf en laten ons zien dat er altijd een keuze is. Blijven we in de schaduw of gaan we in het licht staan?

Hoe verhalen mensen bij elkaar brengen

Hoe kan het dat een verhaal zorgzaamheid in ons wakker maakt? Waarom zouden we een dergelijke emotie ervaren? In de evolutie van de mens hebben we de vaardigheid ontwikkeld om problemen van anderen te leren kennen. Des te meer we in staat zijn om die op te lossen, des te beter we in staat zijn om te overleven als individu en als soort. En omdat we in staat zijn om ons in de ander te verplaatsen, ervaren we transportatie door een verhaal als een plezierige ervaring. Zonder probleem voor de hoofdpersoon om op te lossen, is er geen verhaal. Recent onderzoek toont aan dat transportatie in fictie ons daadwerkelijk in staat stelt om onze empathische vermogens te versterken in het echte leven. Mensen die literaire verhalen lazen en kwalitatieve tv series zagen kregen de test om de emotie te achterhalen van afbeeldingen van ogen. Deelnemers die eerder gekeken hadden naar de serie Mad Men of The Good Wife scoorden significant hoger dan degenen die gekeken hadden naar een documentaire of helemaal geen verhaal hadden gezien. Met andere woorden, de empathische vaardigheden die we opbouwen met verhalen helpen ons voor de rest van ons leven in situaties waarin we inzicht nodig hebben in wat iemand denkt of voelt, zoals bij een onderhandeling of het begrijpen van je partner. In dat opzicht hebben verhalen een vormende kwaliteit. Ze zijn niet alleen amusement, maar helpen ons daadwerkelijk om beter te functioneren in het leven.

Hoe verhalen gedrag veranderen

Uit onderzoek blijkt steeds vaker dat verhalen veruit meer overtuigingskracht hebben dan feiten. Een story approach bleek bijvoorbeeld effectief toen de overheid van de VS afro-amerikanen wilde overtuigen dat ze hun gedrag moesten aanpassen om hun bloeddruk te verlagen.  Wetenschappelijke studenten die aanvankelijk minder presteerden, haalden betere cijfers als ze verhalen hadden gelezen van succesvolle wetenschappers. In dezelfde lijn bleken mensen die werden geconfronteerd met altruïsme en heldendom in films ook meer bereid waren om te geven in het echte leven. Verhalen blijken over het algemeen neurochemische processen te triggeren die ons bewegen om te delen wat we te bieden hebben. Deze biologische activiteit kan diepe gedragsveranderingen tot stand brengen en leiden tot grotere tolerantie en vrijgevigheid.

Van prikkel naar gedrag

De econoom Paul Zak en zijn collega’s toonden een dramatische film van een vader en zoon met kanker en ontdekten dat de toeschouwers vrijwel allemaal een toename lieten zien van cortisol en oxytocine. Het merendeel van hen was daarna bereid om een donatie te doen aan non-profit organisaties. Datzelfde effect trad niet op bij deelnemers die een film hadden bekeken van een vader en zoon in de dierentuin. De onderzoekers ontdekten dat hoe meer cortisol en oxytocine werd aangemaakt, des te meer de deelnemers bereid waren om donaties te doen. In een van de experimenten, bleek dat de gemeten hormoon-niveaus tot 80 procent nauwkeurig donaties konden voorspellen. Ditzelfde neurochemische proces verklaart waarom we deelnemen aan fundraising en onze bijdrage aan de staat betalen. Het verklaart hoe miljoenen mensen worden geïnspireerd tot grootschalige ondersteuning van politieke campagnes of ontwikkelingshulp. Verhalen maken het mogelijk om relaties aan te gaan met vreemden en hen om een offert te vragen ter ondersteuning van iets dat het persoonlijke belang overstijgt. De genoemde voorbeelden Star Wars en Harry Potter zijn ‘master narratives’ niet alleen omdat ze door miljoenen mensen zijn omarmd, maar vooral omdat ze mensen hebben veranderd op het vlak van heldendom, compassie en zelfopoffering.

De donkere kant van storytelling

Net als er in elk verhaal sprake is van polariteiten, zo is er in ieder van ons ook een schaduwkant die in staat is om een ander te kwetsen. Het is maar net welke kant de vecht- of vlucht reactie ons opstuurt. Uit laboratoriumonderzoeken blijkt bovendien dat oxytocine sterke voorkeuren creëert voor de eigen groep, en dat het ertoe leidt dat groepen tegenover elkaar komen te staan. Mensen gaan eerder mee met collectieve beslissingen zelfs als dat de verkeerde beslissingen zijn. De meeste communities gaan in speelse competitie met elkaar de strijd aan, maar niet alle verhalen hebben een even goedaardige intentie. Verhalen zijn een uitdrukking van geest over materie. Met gebruikmaking van dezelfde technieken kunnen verhalen in de verkeerde handen destructieve idealen ondersteunen, gericht op externe groepen. We hoeven daarvoor maar naar te kijken naar het verschil in benadering tussen Obama en Trump. De verhalen die ze hanteren, laten de intenties zien die eronder liggen en roepen verschillende emoties op, afhankelijk van je eigen waarden. Als je gelooft in compassie, dan kan een speech van Trump voor een knoop in je maag zorgen en je wellicht ontredderd achterlaten. Je bent echter niet hulpeloos tegen dit soort verhalen. Je kunt je verdedigingsmechanisme tegen deze verhalen inzetten door ze naast onomstotelijke feiten te leggen. Als je de impact van een verhaal wil cultiveren, dan kun je het verhaal zo aanpassen dat het aansluit op je eigen ervaringen.

Weet waardoor verhalen worden gevoed

In een wereld die vol is van verhalen is het essentieel om te begrijpen hoe organisaties en leiders ons proberen te manipuleren om te geloven wat zij ons willen laten geloven. In psychotherapie wordt mensen gevraagd hun eigen verhaal te achterhalen. Welk verhaal vertel je telkens aan jezelf? Welk verhaal kan je helpen om te groeien en welk verhaal verkleint je mogelijkheden? We moeten hetzelfde doen met de verhalen die anderen aan ons vertellen. In het vertellen van verhalen dienen we bewust te zijn van onze verantwoordelijkheid jegens anderen met betrekking tot de impact die we teweeg kunnen brengen. Dat wil zeggen dat we ons bewust moeten zijn van de intenties onder onze verhalen. Waarom vertellen we dit? Willen we mensen verheffen en oplossingen aanreiken? Of gebruiken we verhalen om verdeeldheid te zaaien of zaken te maskeren? Verhalen kunnen ons verbinden of uiteendrijven. Ze kunnen plezier brengen of aanzetten tot animositeit. Laten we zorgvuldig omgaan met de kracht van verhalen en ze met wijsheid toepassen.

Vertaald en bewerkt uit een essay van Jeremy Adam Smith (Berkeley Communications Conference)