Sint-Joseph
Al in mijn vroege jeugd ervoer ik de wereld als een paradijs van onbegrensde mogelijkheden. Wat ligt er aan de andere kant van deze heuvel? Waar zou die ondergrondse gang uitkomen? Geregeld hield ik aan die ontdekkingen schaafwonden en blauwe plekken over, maar dat deerde me niet. Het was de tol die ik betaalde voor de vrijheid. Live life to the max. Ook al leidde dit soms tot situaties waar de grond letterlijk iets te heet onder mijn voeten werd. Als kind vroeg ik me vaak af hoe het leven op aarde was begonnen. Net als veel van mijn klasgenootjes was ik gebiologeerd door de verhalen over imposante dino’s en de verwoestende krachten van de natuur. Met het scheppingsverhaal had ik niet zoveel. Een opperwezen dat besloot om in 7 dagen alle schepsels te boetseren leek me niet geloofwaardig. Aan de andere kant maakte de symboliek van Eva, de appel en de slang me wel nieuwsgierig. Wat zou de betekenis zijn? Welke boodschap zit erin verstopt? Dit soort vragen bleven me bezighouden in de jaren die volgden.

Jeanne d’Arc
Ik ging graag naar school. Niet om de rijtjes met feiten in mijn hoofd te stampen, maar vooral om de verhalen van vroeger, hoe oorlogen en huwelijken landen vormden, hoe mensen zich telkens moesten aanpassen aan nieuwe omstandigheden. Maar het meest gefascineerd was ik door mysterieuze verhalen. Tijdperken die voeding gaven aan speculaties, legendes zoals die van koning Arthur, raadselachtige en onverklaarbare gebeurtenissen. Hoe waren de piramides gebouwd, hoe kon het dat vergelijkbare tempels ontstonden op verschillende continenten, welke functie hadden de stenenkringen? Zou Atlantis bestaan hebben? Iemand aan wie ik nog vaker terugdenk is mijn docent klassieke talen. Hij was een begenadigd verteller en wist met een bijna theatrale performance de oude verhalen springlevend te maken. Ik herinner me vooral de fantastische uitweidingen over Oydyseus en zijn omzwervingen en beproevingen. Niet alleen de wonderlijke en surrealistische beschrijvingen spraken tot de verbeelding, ook de prachtige poëtische klanken en bewoordingen waarmee ze ‘gecomponeerd’ waren. Ik had een ongelooflijke dorst in die tijd. Een dorst die ik niet alleen laafde in de kroegen van mijn geboortestad Maastricht, maar ook in de verhalen en gedichten die ik las. Mijn liefde voor de schoonheid van taal werd gevoed door de grote schrijvers uit de Griekse en Romeinse tijd zoals Homerus en Horatius, door hoofse dichters en door renaissance schrijvers zoals Goethe en Schiller. In de boeken die je verplicht moest lezen voor je eindexamen was ik net zo zeer op zoek naar de erotische passages als naar de symboliek. En als die twee elementen elkaar overlapten was ik helemaal gelukkig. Zinspelingen en metaforen, beeldrijke ornamentele taal die je fantasie prikkelt en die in staat is om het onzegbare voelbaar te maken. Het had me in de greep. En het liet me voorlopig ook niet los.

Linguistics
En dan studeren. Taalwetenschap. Hoe kan het ook anders. Al voor ik er aan begon wist ik wat ik wilde kiezen en wat ik wilde bereiken. Het zou Taal en Minderheden worden en mijn geambieerde beroep Consulent Anderstaligen. Ik wilde me inzetten voor onderwijs met eerlijke kansen, voor een toekomst waarin taal niet uiteendrijft, maar samenbindt. Mijn keuze voor taal en minderheden was meer dan een beroepsperspectief. Het voelde eerder als een maatschappelijke plicht. Ik volgde Turkse taallessen als hulpvak en begon zelf taallessen te geven aan Turkse mannen in een buurthuis. Het bracht me in contact met een wereld van persoonlijke verhalen over mensen die op zoek waren naar een nieuwe en betere toekomst voor hun kinderen.

Met mijn diploma op zak doemde het spook op van de dienstplicht, een gruwel voor mij als pacifist. Maar ondertussen had ik mijn voorbereidingen getroffen en had ik een keurig briefje geschreven aan Defensie dat ze niet op mij hoefden te rekenen. Zo gemakkelijk kwam ik er helaas niet vanaf. Ik kwam door de keuring en ik mocht op gesprek. Wat een moeite deden ze om mij te overtuigen dat het allemaal wel mee zou vallen en dat ik als officier ook geen wapen hoefde te dragen. Ik bleef echter principieel gekant tegen elke vorm van militarisme, dus kreeg ik het verzoek om mijn argumenten op papier te zetten. Het werd een hartstochtelijk pleidooi van 6 kantjes waarin ik mijn diepste beweegredenen uiteenzette, mijn geloof in een wereld waarin mensen vreedzaam samenleven zonder geweld en zonder wapens. Mijn jeugdige overmoed mocht dan niet helemaal getuigen van realiteitszin, mijn bevlogenheid en mijn oprechte vanuit het hart geschreven verhaal overtuigde de heren van de commissie wel.

NT2
Een mooie tijd brak aan. Mijn vervangende dienstplicht had ik weten te regelen bij de Schoolbegeleidingsdienst. Wat zo bijzonder was in die 18 maanden was dat ik vrijwel helemaal mijn eigen gang kon gaan. Dus deed ik veel literatuuronderzoek en observaties en bracht ik gevraagd en ongevraagd advies uit over culturele achtergronden en de relatie tussen taalverwerving en de beoordeling van leerprestaties. Het was een dynamische tijd vol experimenten waarin ik op meerdere fronten mijn grenzen verkende. Op basis van eigen gegevens en begeleid door een hoogleraar onderwijskunde schreef ik een boekje met de titel Tweede Taalvaardig, bedoeld als ondersteuning voor leerkrachten die werken met allochtone leerlingen. Daar heb ik toen nog een paar publicaties in vaktijdschriften aan overgehouden. Waar ik van genoot, was dat ik dag in dag uit tussen de boeken zat. Over sociologie, psychologie, taal, pedagogiek en onderwijskunde, maar ook veel educatief materiaal. Een van mijn toenmalige docenten, die tevens aan de SBD verbonden was, wist alles van jeugdliteratuur en prentenboeken en kon prachtig vertellen over de symboliek in de verhalen. Bizar voorbeeld was het boekje ‘Jij bent een beer’ van Janosh over een jongen die z’n vader opbeurt en hem laat voelen dat hij een held is. De vervangende dienst, die voor mij eerder als een intellectuele speelplaats voelde, zat erop. Tijd voor het echte werk. Alleen was het wat lastig om het te vinden. Wel kon ik vrij eenvoudig aan de slag met verschillende projecten, onder andere op het terrein van intercultureel onderwijs.

Copywriter
Ondertussen lopen de jaren tachtig op hun einde en bevond ik me voor ik het goed en wel bewust was in een rol van vader en echtgenoot. In die volgorde inderdaad. En in diezelfde tijd bedacht ik dat maar beter zelfstandig kon worden in plaats van te wachten op een baan die er niet was. Mijn eerste stappen in ondernemerschap waren verre van succesvol. Mijn samenwerking met een journalist liep na korte tijd vast, waarna ik besloot alleen verder te gaan. Mijn eerste echte tekstopdracht kwam van een eigenaar van een reclamebureau uit Den Bosch. Aan die man had ik te danken dat ik een portfolio kon opbouwen, waarmee ik ook weer bij andere bureaus kon aankloppen. Hoewel een moeizame periode volgde, was ik vastberaden en langzaam maar zeker ontstond er iets wat op een bedrijfje ging lijken. In de beginjaren schreef ik voornamelijk reclameteksten, zowel voor business to business als consumenten. Spitsvondigheden, puntige kopregels en pakkende slogans behoorden tot mijn wapens. Het was leuk zo lang het duurde. Mijn specialiteit waren de direct mail brieven en campagnes. Daar heb ik meerdere keren goed mee gescoord. Gaf er zelfs presentaties over. Maar ook teksten voor advertenties en brochures schreef ik met alle liefde en aandacht.

Waardenvol communiceren
Na een kleine 10 jaar ging het knagen. Het was allemaal even fraai wat ik maakte, maar hoeveel van mezelf liet ik zien? Welke waarde voegde ik toe? Ik had behoefte aan iets nieuws, een andere vervulling en zingeving in mijn werk. Die vond ik door naar binnen te gaan. Niet langer stond marketing centraal, maar werkgeverschap. Hoe laat je zien wie je bent als werkgever, naar je eigen medewerkers en naar de arbeidsmarkt? Dat verhaal voor het voetlicht brengen voor klanten werd mijn nieuwe passie. En toen kwam ik op een dag in aanraking met Spiral Dynamics. Wat een openbaring. En een investering waar ik veel plezier van heb gehad. Ik was bevangen door de magie van de wereld van de waardensystemen, hoe die zich spiraalsgewijs ontwikkelden en periodes uit de geschiedenis verklaarden en hoe ze onlosmakelijk verbonden bleken met ons menszijn. De werkelijkheid heeft meerdere gezichten en meerdere kleuren, maar sommige drijfveren zijn zo sterk dat ze verklaren waarom de ene persoon de kat uit de boom kijkt en de ander juist impulsief handelt. Elke waarde is van betekenis voor wie het wil zien. ‘Uw kracht in het middelpunt’ werd mijn motto. En het klopte als een bus. Ieder project was een wederzijds groeimoment. Mijn keuze voor de onderwijssector paste perfect bij wie ik ben, mijn achtergrond en mijn toegevoegde waarde. In deze wereld in wording is besef van identiteit en visie een onvoorwaardelijke basis voor ontwikkeling. Advies en communicatie met betrekking tot identiteit werden mijn speerpunten.

Mijn bezieling
Vandaag schrijf ik nog steeds teksten die de essentie van kern en koers verwoorden, geef ik workshops en lezingen over authentiek communiceren vanuit kernwaarden en neem ik deel in netwerken van gelijkgestemden met betrekking tot duurzaamheid en zingeving. In de afgelopen jaren heb ik een belangrijke les geleerd. Echte schoonheid zit in oprechte aandacht en overtuiging, in het besef dat ware bezieling bergen kan verzetten. Ik geloof in de schoonheid en de kracht van woorden en beelden. Ik geloof dat inspirerende verhalen rechtstreeks contact maken met onze diepste menselijke behoeften en drijfveren. Met mijn passie voor waardenvolle communicatie wil ik organisaties helpen betekenisvoller te worden en bijdragen aan meer begrip en verbinding tussen mensen.